Xi'an

het is hier onwijs mooi, maar het regent alweer/nog steeds dus ik vervolg m'n update met:
 
Xi'an
 
Omdat ik me niet al te alleen wilde voelen na al die gezelligheid in Beijing, heb ik op de dag dat Rogier vertrok ook Beijing verlaten. Een lange lange lange nacht in de trein naar Xi'an. Er waren geen slaapplekken meer, een hardseat was de enige optie. Eerst viel het me enorm mee, maar na een tijdje werd het toch vermoeiend want die stoelen lijken meer voorover dan achterover te staan dus lekker leunen en lezen was geen optie. Ik zat op een bank voor drie personen, tenminste, totdat ik terugkwam van het toilet, toen bleek dat men van mening was dat er ook best vier personen op pasten. Wat best kan, maar toen zat ik helemaal niet lekker meer en tegen de tijd dat ik begon in te dommelen, kon ik niet in slaap komen, omdat ik nu echt nergens meer tegenaan kon lenen, want nu kon ik me ook geen kwartslag meer draaien en dwars tegen de leuning aanzitten. Ondertussen had ik me al de hele tijd afgevraagd waarom het gangpad steeds voller raakte en ik begon sterk te vermoeden dat er ook treinkaartjes verkocht werden zonder stoelnummer of bed (dat blijkt dus ook zo te zijn). Mensen stonden echt overal, zelfs tussen de acht knieen op  'mijn' kant van de bank en de vier knieen aan de andere kant, die al bijna tegen mijn (lange ;-) ) knieen aanzaten. Kortom, ik was blij dat ik m'n sportschoenen aanhad en niet m'n teenslippers. Toen we eeeindelijk aankwamen, had ik nauwelijks geslapen en een zere kont van zo'n 15 uur erg raar zitten.  Hmm.. klinkt een beetje verwend he? Maar ik was er toch bijna sjaggerijnig van! Wel blij dat ik uberhaupt een stoel had natuurlijk...
Gelukkig duurde het ook nog een tijd voor ik een guesthouse naar wens bereikte... grrrr! Ik nam een dormitory room in de kelder: dat bleek een donker hol, geen ramen en stinken!!! Ik besloot me niet klein te laten krijgen en ook vooral niet in te kakken en ik ging dus meteen op pad om het terracottaleger te bezoeken, zo'n 40 km bussen vanaf Xi'an. Van een leien dakje. Niks georganiseerd gedoe met bezoekjes aan winkeltjes zus en kunstenaars zo!
 
Het terracottalager, in 210 v. Chr begraven samen met Keizer Qin en bij toeval ontdekt door boeren in 1973 als ik me niet vergis) is te zien in drie hallen (en voor jullie geloof ik ook in het museum in Assen). De keizer was zo succesvol geweest dat hij dat ook in de dood wilde blijven dus een groot leger met paarden was hard nodig. Echt gaaf om deze beroemde soldaten nu eindelijk in het echt te zien. En het is gewoon echt waar, ze zijn allemaal anders! Allemaal in ieder geval een ander gezicht met een andere uitstraling. Sommigen hadden helemaal geen hoofd meer en er lagen ook behoorlijk wat ledematen op de grond. Jammer was dat in hal nummer 2 bijna alles onder de grond is, daar valt dus niet zo heel veel te zien. Ze zeggen dat ze het graf van de keizer nog nooit hebben geopend. Sommigen zeggen uit angst dat er een vloek op het graf rust, anderen zeggen dat men wil wachten tot er goede techniek is gevonden om het graf te openen zonder dat de inhoud binnen een paar uur vervalt. Bij de ontdekking vand e soldaten hadden deze namelijk nog kleur van verf, maar binnen een paar uur was dat verdwenen.
 
Toen ik het allemaal gezien had ben ik weer in de bus gestapt en heb ik als een blok geslapen. Ook de nacht in de kelder ben ik zonder kleerscheuren en in een soort coma doorgekomen. De volgende ochtend moest ik in de rij om een treinkaartje te regelen naar Chengdu, want vanaf daar wilde ik twee nationale parken bezoeken. Ik had geen zin om Xi'an in te gaan. Wat dan? Op driewartier met de bus vanaf de stad ligt de opgraving van een 6000 jaar oude nederzetting. Bleek net als het terracottaleger ook veilig opgeborgen in een grote hal. Erg vrolijk was het niet want het grootste deel van de opgraving en de uitleg eromheen, betrof de begraafplaats. In een vitrine lagen de skeletten van twee mannen. Het viel me op dat ze enorm lang waren, ongeveer zo lang als ik. Dat leek me apart voor zulke oude Chinezen. Gkauw! Gkauw! Riep ik verbaasd uit tegen een passerende Chinese familie. Ze keken me aan of ik niet goed snik was, en ik begon inderdaad haast aan mezelf te twijfelen. Ik besefte dat ik de volunteers uit Beijing onwijs begon te missen. In Beijing dook er altijd binnen een paar minuten wel eentje op. (Het was me trouwens al opgevallen dat ik sinds Beijing sterk reageer op de kleur blauw van de vrijwilligers t-shirts; elke keer even de hoop redding nabij is, en dan de teleurstelling dat ik niet meer in Beijing ben en er dus geen vrijwilligers meer zijn. Hoezo Pavlov?!) 
 
Terug in het guesthouse, bleek ik Tony uit Michigan lekker te hebben gemaakt met mijn lyrische gepraat over de trwee nationale parken. Hij wilde daar ook wel graag heen en besloot ook naar Chengdu te gaan, maar moest een volgende trein nemen. We zouden elkaar twee dagen later in Chengdu op een busstation wel terugvinden. Voor ik in de trein moest hebben we nog gegeten bij een speciaal dumplingrestaurant. Het was relatief gezien niet goedkoop en dus niet echt de bedoeling, maar t was wel heul lekker en leuk om te doen. De ene na de andere mand speciale dumplings werd aangesleept. Op een gegeven moment kwam er een soep met dumplings op tafel. We bedienden onszelf, maar dat bleek aan de gestresste serveersters te zien, niet de bedoeling. Toen goten we onze soep terug in de pan (de dumpling leken ons nog wat te hard), maar dat maakte het niet beter. Nou wat blikkengewissel (wie gaat naar ze toe? ik niet! ik niet! ik niet!) kwam een serveerster bij onze tafel staan en vertelde in haar klemtoonlooste Engels (maar nog altijd bewondering voor haar engels!) dat deze soep een keer bedacht was voor een keizerin met een slechte eetlust. De kok had bedacht dat hij haar wel wat extra calorietjes kon voeren door minidumplings in een waterig soepje te doen. Het bleek nogal van belang hoeveel dumplings er in onze soep beland waren. Ik had er vier, wat betekende dat ik rijk en welvarend zou worden. Tony had er twee, wat voor 'geppieness' staat. Ik zei dat ik, als ik zou moeten kiezen, veel liever geppie ben dan rijk, en omgekeerd vond Tony welvaart aantrekkelijker, dus we ruilden meteen van soep. Veel kon ik er niet van eten, want ik moest hoognodig naar de trein.
 
20.18 stond op mijn treinkaartje. Ik was om 19.55 op het station, ging nog wat eten en drinken inslaan en begon me door de massa naar voren te werken, wat ruim 5 minuten duurde. Om te checken of ik goed ging, liet ik m'n kaartje aan een meisje zien. Ze sprak Engels en zei: 'It's eight now, I suggest you go tomorrow.' Waar heb je het overje????' vroeg ik. Ze zei dat ik voor achten in de stationshal had moeten zijn en adviseerde me nogmaals om morgen te gaan. Ja dahaag! De trein is nog lang niet weg en ik ga niet twee keer een treinkaartje kopen en ik ga al helemaal niet terug naar die kelder! Genoeg reden om me, laten we het 'gepassioneerd' noemen, naar voren te wurmen. Weeeeer die beveiliging, traaaaaaaag! Tassen van m'n rug en buik, op de band, tassen opvissen, appels rollen uit m'n plastic zakje alle kanten op (tuurlijk!), snel op de roltrap (waarom staan mensen die niet lopen niet gewoon netjes rechts??) en naar de wachtruimte. Opluchting!!! Daar bleek de hele meute voor mijn trein nog te wachten. Ik vroeg een studentikoos uitziende Chinees of ik te laat was. Hij zei dat de trein altijd te laat vertrok. Ik zei dat het nog niet eens tijd was. En toen keek ik nog eens op m'n treinkaartje en ik realiseerde me dat ik puur toevallig min of meer op tijd op het station was... Niet echt de eerste keer met de trein in China, maar ik had toch echt wel de hele tijd naar m'n wagon- en bednummer zitten kijken. Als ik m'n aandacht er even bij had gehad, zou ik hebben gezen dat de trein officieel om 20.05 zou vertrekken.
 
In Chengdu zocht ik naar het guesthouse waarvan ik opd e folder had gezien dat ze konijnen hadden rondlopen. Ze bleken echter in een hok te zitten, maar ze waren toch leuk! Grote witte met enorme oren. En er waren ook hangbuikzwijntjes en punkkippen. Helemaal leuk dus, maar goed, volgende ochtend moest ik enorm vroeg naar een busstation, waar ik Tony inderdaad terugvond en we stapten in voor een tien uur durende busreis.
 
wordt vervolgd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer